120. Ouders aan Oepke
Scharnegoutum, 29 juni 1897
Lieve Oepke!
Gisteravond is het door u gevraagde postpakket aan uw adres verzonden en ontvingen wij uw in meer dan één opzicht gunstig schrijven. De Here make het verder naar de begeerte van ons hart. Intussen raad ik u, wees voorzichtig en gebruik uw vermogens niet te veel. Bij ons alles wel, ook het zoontje van Jakob is gebeterd en thans buiten gevaar, namelijk wat zijn ziekte betreft. Uw kippen zijn normaal, het vee gezond. Alleen heeft een koe thans klauwzeer. De hooiing is in de achten afgelopen, 45 voer best gewonnen, mooi droog, maar zwaar hooi. Ik vrees dat het broeien zal. Tielko is niet weer teruggekomen. Onze mannen hebben het zeer druk gehad. De maaiers hebben een paar dagen moeten helpen, waardoor er nu op het ogenblik ruimte in het werk is gekomen. Verder van ons alle gegroet. Ook van H. van Dijk en Anne, uw u lief hebbende vader en moeder,
D.P. Noordmans en G.O. de Roos.
(AN)