207. Oepke aan zijn moeder
Idsegahuizum, 2 maart 1908
Lieve Moeder,
Zaterdagmiddag had ik een goede reis. Ik was blij ’s middags gegaan te zijn. Mijn gezondheid was zondag aardig beter. Ik heb geen last gehad bij ’t preken. Woensdag a.s. heb ik een begrafenis te Ferwoude. Het oud-porselein kwam heel en wel uit de tas tevoorschijn en de noten waren spoedig de weg van alle noten gegaan. Vanmiddag had ik de jonge ds. Oosterhuis1 en zijn zuster2 bij mij. Heel gezellig. Zo is er meestal wat. Ik vind dat de dag van inventarisatie heel goed is afgelopen. Dat is nu maar weer achter de rug. Byzonderheden zijn er verder niet te schrijven. Wanneer men elkander pas gezien heeft valt het tegen enig nieuws te schrijven, vooral als men op Skuzum woont. Over enige tijd hoop ik wel weer eens te Scharnegoutum te komen. Betsie moet de groeten van mij hebben. Na hartelijke groet, uw u liefhebbende zoon,
Oepke.
(AN)