Stichting dr. O. Noordmans
Verzamelde Werken Inhoud Bijbelregister Zoeken

Verzamelde Werken, deel 9A, Idsegahuizum en Piaam 1903-1910

Weergave
Passages naar Readwise sturen

180. A.M. Brouwer aan O. Noordmans

Haamstede, 7 november 1904

Waarde vriend,

Ik voel mij verplicht niet zo lang met antwoord1 te wachten als waartoe misschien ’t strenge recht mij gelegenheid zou geven. Verleden najaar in het dorpje Skuzum zijnde, is mij een preek voorgelezen over het recht in de liefde of de liefde in het recht. Hier heb je dan nu een te constateren vrucht van je prediking, iets dat anders zo moeilijk te vinden is. Het gevoel van verplichting is niet alleen gewerkt door je brief, want - bij Jupiter Pluvius! - het had dan best kunnen zijn dat je preek toch nog weinig uitwerking had getoond. Maar kort na die brief ontving ik, met postmerk Amsterdam, drie Gids-afleveringen,2 waarin een stuk van Stijn Streuvels,3 en zowaar de vorige week ook nog een stapel, waarvan Selma Lagerlöf,4 Stijn Streuvels wel ’t hoofdbestanddeel uitmaakten. Ik bevind mij nu in de aangename positie, van op mijn volgeladen boekentafel nog drie stapels geleende boekwerken en romans te zien staan, allen wachtende op een lezende winter. Dat zal wel niet alles doorgelezen worden. De vorige week heb ik eens gegrasduind in Ritter’s Ethische Fragmenten,5 dat ik ook te lezen heb. Maar dat is toch een flauw kostje met veel Franse wind. Stel je voor ’t laatste stukje over: ‘Wijding’, waarin gezegd wordt: ‘de plant is aan de aarde verbonden en heeft op haar wijze religie.’ Twijfelachtige woordverklaring van religio van religare, en om dan van de plant van de religie te spreken. Bah! Wat een kost. Overigens heb ik ’t op ’t ogenblik druk met de schoolkwestie,6 waarin ik mij tracht in te werken, maar door begrafenissen enz. heb ik mij de laatste dagen weer te druk gemaakt. Als ik een paar avonden de gewone tax overschrijd, dan ben ik weer een paar dagen tot geen studie bekwaam, wat erg vervelend is. Hier is voor een veertien dagen een lelijke brochure verspreid over de Openbare School, waarvan ik mij nu verder niet veel aangetrokken zou hebben als er niet twee sneertjes aan ons adres in stonden: 1. dat er geen christelijke deugden zijn, maar alleen algemeen menselijke deugden! - wat een domheid! en 2. dat de geestelijkheid (= predikanten) haar invloed gaandeweg zag afnemen en daarom voor de ‘vrije school’ is gaan ijveren! - wat een leugen! Ik meende, dit niet zonder protest in mijn gemeente te moeten laten verspreiden en heb daarom in de Zondagsbode een paar artikelen er tegen geschreven. Dit kan nu natuurlijk tot schooldebatten aanleiding geven en daarom probeer ik mij eens geheel op de hoogte van die zaak te stellen. Trouwens op zichzelf reeds interessant genoeg. En zelfs nog in verwijderd verband met mijn nog meer verwijderde dissertatie-studie,7 zaliger gedachtenis. Daar is een massa literatuur te doorworstelen, dus zal ik eerst wel niet te veel nog mij in de romans verdiepen. Maar de winter is nog maar pas begonnen. Wie weet hoeveel ik nog lezen zal. Ik zal er je verslag van doen en in elk geval wordt je vriendelijk bedankt voor de toezending. ’k Heb al gedacht een ervan voor voorlezing te houden. Zijn de boeken van Selma Lagerlöf daarvoor geschikt? We hebben nl. de maandagavond genomen voor gezellig samenzijn, bestaand in voorlezen en zang - met vriend Brester8 en zijn vrouw. Hij leest nu eerst voor Pêcheurs d’Islande van Pierre Loti.9 Dan zal ik een boek voorlezen. Welk is daartoe wel ’t meest geschikt, dunkt je, van de mij toegezonden boeken? ’k Zou wel ’t liefst een ernstig boek willen hebben. Dat geeft licht aanleiding tot gesprek. Deze zomer lazen wij samen hier in huis Loutering, uit het Noorsch vertaald.10 Dat is een mooi boek, maar dat heb ik niet in mijn bezit. - Deze week begin ik weer met alle catechisaties. We zijn nog altijd denkende over een zondagsschool. ’t Vervelende van de zaak is, dat de afgescheidenen er al een hebben, waarin een groot deel van de hervormde kinderen, maar niet allen. Ik wou er nu een hebben voor alle kinderen.11 Nu, ik hoop dat je je aan je belofte houdt om ons eens vaker te schrijven, maar Bon moppert er over, dat ze je brieven niet lezen kan en zelf moet ik ook soms lang zitten cijferen. Misschien wil je Bon dan wel ’t genoegen doen zo te schrijven dat zij er ook van genieten kan. Want een brief te ontvangen vinden wij altijd een hele belevenis. Met hartelijke groeten, ook van Bon, tt.

Nus.

De kleine jongen12 groeit als kool, zegt allerlei woordjes en loopt aan de hand, nog niet alleen.

(AN)

Noten

  1. 1

    Brief van ON onbekend.↩

  2. 2

    De Gids. Nederlands maandblad. Opgericht 1836. Het blad was in de loop der jaren wisselend georiënteerd: literair, cultureel, sociaal, politiek. De door Brouwer bedoelde artikelen werden niet in De Gids van 1903 en 1904 aangetroffen. Ook niet gevonden in de jaargangen 1903/04 en 04/05 van De Nieuwe Gids.↩

  3. 3

    Stijn Streuvels, pseudoniem van Frank Lateur (1871-1969), Vlaams auteur, neef van Guido Gezelle. Als meesterwerken van zijn hand gelden de roman De Vlaschaard (1907) en de novelle ‘Het leven en de dood in den Ast’ (In: Werkmenschen, 1926).↩

  4. 4

    Selma O. Lagerlöf (1858-1940), Zweeds schrijfster, debuteerde in 1891 met Gösta Berlings Saga (Ned.: Gösta Berling) over een uit het ambt ontzette dominee. Ander werk van haar hand: o.a. Kristuslegender 1904 (Ned.: Christuslegenden) en Nils Holgerssons underbara resa genom Sverige 1906-1907 (Ned.: Niels Holgerssons wonderbare reis). Verder publiceerde zij nog enkele romans, novellen, brieven, een autobiografie en een dagboek. In 1909 ontving zij de Nobelprijs voor letterkunde.↩

  5. 5

    P.H. Ritter Sr. Ethische Fragmenten (Amsterdam 1891); P.H. Ritter Sr. was remonstrants predikant, later dagbladredacteur en tenslotte hoogleraar filosofie RUU.↩

  6. 6

    De notulen van de kerkeraad geven hierover geen informatie. Zie: Een antwoord op de brochure dr. J.H. Gunning JHzn ‘Welke school kiezen wij voor onze kinderen?’: wij kiezen de openbare school voor onze kinderen (Utrecht 1904); J.A. Levy De jongste aanslag op de openbare school (Amsterdam 1904).↩

  7. 7

    Dissertatie, vgl. brief nr. 156 (26.5.1902), n. 7.↩

  8. 8

    J. Brester (geb. te Delft 1877), tekenaar, remonstrants, gehuwd met A.E. van Waas. In 1907 werd een dochter geboren. Brester werd in 1907 een tijdlang verpleegd in een zwakzinnigeninrichting. In 1908 vertrok het gezin naar Christiania (het huidige Oslo, Noorwegen).↩

  9. 9

    P. Loti Pêcheur d’Islande 1886. Pierre Loti, pseudoniem van Louis M.J. Viaud (1850-1923), Frans schrijver, marineofficier. Ander werk van zijn hand: o.a. Aziyadé (1879), Mon frêre Yves (1883), Ramuntcho (1897).↩

  10. 10

    Ingeborg M. Sick, Loutering (uit het Deens vert. door A. Gorter-de Zwaard).↩

  11. 11

    De plannen tot oprichting van een zondagsschool vonden doorgang. In 1905 telde de school 56 leerlingen.↩

  12. 12

    Anton Marinus, geboren 20.5.1903.↩

Verantwoording

Deze pagina is automatisch opgebouwd uit het zetbestand van het boek; de noten zijn aan hun verwijzing gekoppeld. Dat bestand heeft geen paginanummers: een brief wordt aangehaald met zijn nummer. Zet onder Weergave de correcties aan om de herstelde en de onzekere plaatsen (⚑) in de tekst te zien. De tekst is niet met het gedrukte boek vergeleken.

← 179. Ouders aan OepkeIdsegahuizum en Piaam 1903-1910181. Oepke aan zijn ouders →