Stichting dr. O. Noordmans
Verzamelde Werken Inhoud Bijbelregister Zoeken

Verzamelde Werken, deel 9A, Laren Gld. 1923-1934

Weergave
Passages naar Readwise sturen

465. R.B. Evenhuis1 aan O. Noordmans

Groningen, 1 augustus 1934

Hooggeachte collega,

Het was eerst mijn bedoeling niet om nogmaals op uw laatste schrijven2 in te gaan, daar het toch napleiten is over een verloren zaak. Maar ik worstel met de moeilijke vraag, hoe het toch mogelijk is dat mensen, die zo dicht bij elkander staan en van wier samenwerking zoveel af hangt, elkander zo moeilijk kunnen begrijpen. Het is een opeenstapeling van misverstanden. Ik noem slechts een voorbeeld. U schrijft over de nonchalance van dr. Oorthuys en mij ten opzichte van de afgesproken bijeenkomst.3 Terwijl het u toch bekend is, dat wij beiden in de veronderstelling leefden, dat wij nog eerst het door u en prof. Wagenaar4 ontworpen concept5 zouden ontvangen. Toen dit uitbleef wist ik niet: gaat de vergadering nu door, of gaat ze niet door. Wij meenden toen het laatste. Maar om in dit verband van nonchalance te spreken is toch wel erg. Ik schrijf u dit niet uit bitterheid, maar alleen om als mijn opinie uit te spreken, dat de gehele sfeer vertroebeld is. We moeten dan ook maar niet dieper op de zaak ingaan. Maar ik blijf bij mijn stelling, dat op grond van de door ons tezamen aangenomen wijzigingen6 een samenwerking tussen Kerkherstel en Kerkopbouw zeer, zeer waarschijnlijk zou zijn geweest. Van die wijzigingen is in het hoofdbestuur van Kerkopbouw7 vrijwel niets overgebleven. Een en ander is te wijten aan de invloed van machten in Kerkopbouw, die nooit hadden moeten worden betrokken in het werk der reorganisatie, omdat ze nimmer con amore willen en kunnen meewerken, daar hun eigen partij hun meer waard is dan de kerk. U excuseert mij deze ontboezeming. En we moeten nu maar eerst afwachten. Mogelijk maak ik de verdere strijd om reorganisatie in Holland niet mee.8 Ik elk geval zou het dan echter voor mij heel wat aangenamer zijn geweest, indien het slot niet zo door en door onverkwikkelijk was geweest. Met collegiale groeten,

R.B. Evenhuis.

(AN)

Noten

  1. 1

    R.B. Evenhuis, 1e secretaris van KH; zie brief nr. 399 (2.6.1931), n. 7.↩

  2. 2

    Ontbreekt.↩

  3. 3

    Een bijeenkomst van de commissie van contact.↩

  4. 4

    C.G. Wagenaar, zie brief nr. 400 (27.6.1931), n. 8.↩

  5. 5

    Dit moeten de wijzigingsvoorstellen zijn, zoals Wagenaar deze aan het moderamen KO heeft doen toekomen en die op 8.6.1934 zijn besproken door KO.↩

  6. 6

    In het julinummer van NKL. sprak Evenhuis in de rubriek ‘Uit het verbond’ zijn teleurstelling uit over de wijzigingen, die door het moderamen KO waren aangenomen, of beter, de wijzigingen die niet waren doorgevoerd. Hierop schreef ON een reactie in KO 3 (september 1934) nr. 5: ‘Odium schuiven’ (VW 5, 297-299).↩

  7. 7

    Over de besprekingen in het moderamen van KO op 8 juni zie brief nr. 457 (17.6.1934).↩

  8. 8

    I.v.m. zijn vertrek naar Indië.↩

Verantwoording

Deze pagina is automatisch opgebouwd uit het zetbestand van het boek; de noten zijn aan hun verwijzing gekoppeld. Dat bestand heeft geen paginanummers: een brief wordt aangehaald met zijn nummer. Zet onder Weergave de correcties aan om de herstelde en de onzekere plaatsen (⚑) in de tekst te zien. De tekst is niet met het gedrukte boek vergeleken.

← 464. Ph. Kohnstamm aan O. NoordmansLaren Gld. 1923-1934466. A.M. Brouwer aan O. Noordmans →