Stichting dr. O. Noordmans
Plaats in de uitgave: Suameer
Weergave
Lezen
Lettergrootte

287. H. van Eyck van Heslinga1 aan O. Noordmans

Berlikum, 11 september 1914

Amice frater!

Ons advies2 zal je reeds bereikt hebben. De volgende overwegingen deden ons daartoe besluiten: a. dit mag te allen tijde van ieder onderwijzer worden gevraagd. b. weigert hij dit te verklaren, dan maakt hij zijn positie bij verdere maatregelen, hachelijk, want wie kan een onderwijzer handhaven, die weigert te verklaren dat hij meewerken wil, enz. c. Tekent hij wel, dan désavoueert hij al wat hij deed, dat de stempel van het tegendeel droeg en het bestuur heeft in zijn schriftelijke verklaring een wapen in handen voor ’t vervolg. Ik hoop dat een en ander moge helpen om de dingen in het rechte spoor te krijgen. Ik weet niet of Magendans3 je ook onze overwegingen medegedeeld heeft. Vandaar dat ik dit even schrijf. Met hartelijke groeten v.h.t.h. tt.

H. van Eyck van Heslinga.

(AN)

Noten

  1. 1

    H. van Eyck van Heslinga, zie brief nr. 205 (6.2.1908), n. 1.

  2. 2

    Zie brief nr. 283 (18.3.1914), n. 5.

  3. 3

    W. Magendans FCzn. (1865-1944), herv. pred. te Enter 1891, Oosterzee 1894, Achlum 1901-1932.

← vorige286. O. Noordmans aan G.A. WumkesSuameervolgende →288. H. van Eyck van Heslinga aan O. Noordmans
Verantwoording

Deze brief komt uit het zetbestand van het gedrukte Verzameld Werk, niet uit een scan; de noten staan bij hun verwijzing. Dat bestand heeft geen paginanummers, daarom wordt een brief aangehaald met zijn nummer. Zet onder Weergave de Correcties aan om te zien waar de tekst verbeterd is, en waar we twijfelen (⚑). Ziet u een fout, laat het ons weten.

Een fout melden
Bureau