Stichting dr. O. Noordmans
Verzamelde Werken Inhoud Bijbelregister Zoeken

Verzamelde Werken, deel 9B, Laren Gld. 1935-1945

Weergave
Passages naar Readwise sturen

645. O. Noordmans aan G. de Ru1

Lochem, 9 februari 1940

Amice,

Hierbij een kort verslag voor de notulen van De Regenboog.2 Vergadering van de Regenboog in het jachthuis op vrijdag 9 februari in Warnsveld. Aanwezig Noordmans - Kamsteeg - Van der Hoeven3 - Ossewaarde.4 Besloten om zoveel mogelijk tegemoet te komen aan het verzoek in Zutphen te vergaderen. Maar alles overziende kwam men tot het resultaat dat het niet wel mogelijk was. Ten eerste is in Zutphen nergens een zaaltje te krijgen zonder vergaderingskosten te maken. Dat is bij ‘Het Jagertje’ niet het geval. Daar is de consumptie minimaal, zodat het voor hen die van verder komen even duur is om samen een taxi te nemen vanaf het station Zutphen. Staat dus tegenover Zutphen een betere en geschikter omgeving in Warnsveld, goedkoper consumptie, en een kas waar wat in blijft voor een feestelijke uitgang. Nadat dit alles besproken was kwam Gerritsen5 binnen, die ook nog even de kaskwestie naar voren bracht. Spreker Noordmans behandelt 1 Korinthe 7:1-7. Is Paulus zelf getrouwd geweest? Ignatius en Clemens houden dit vol. Deze traditie is in de loop der tijden verdwenen. Daar is echter grote fijnheid en takt te vinden waar Paulus over dit vraagstuk spreekt. Betrekkelijke gelijkheid van man en vrouw. Niet de antieke maar christelijke opvatting. Scheppingsordening en Romeins recht zijn hier telkens te rug te vinden. ιδιοσ en εαυτου6 is verschillend in juridisch opzicht. Het verbod tot huwelijk wordt hier afgesneden, maar aan de andere kant wordt het libertinisme hier de kop ingedrukt. Paulus is geen asceet, maar hij ziet deze verhoudingen onder het licht van de komende wederkomst van Christus. ’t Is een zedelijke gemeenschap. Paulus tast en zoekt samen met de gemeente naar een oplossing. Efeze 5 zegt men dat een vaster uitdrukking is van het huwelijksleven. Soms zegt Paulus iets in opdracht, dan weer zegt hij het als eigen mening. κατα συγγνωμεν7 komt alleen hier in het Nieuwe Testament voor. Met grote terughoudendheid en medeleven geeft Paulus hier zijn mening. Paulus vraagt tijd voor het bedenken van de dingen die boven zijn. Ook de huwelijksgemeenschap moet daar rekening mee houden. Hier hebben we de praktische toepassing van 1 Korinthe 13. Het spirituele mogen we aan zulk een pericoop niet ontnemen. Kamsteeg wijst er op dat er allegorie is tussen de rib van Adam en dit deel, waar de vrouw beschermend optreedt rondom het teerste van de man. De Korintherbrief geeft de pneumatische gedachte. Welke bedoeling heeft het, zo vraagt van der Hoeven, als Paulus zegt: Ik spreek en God spreekt? Ook hier moeten we in Paulus’ woord het apostolische-pneumatische zien. Gerritsen vraagt hoe we moeten staan tegenover het coelibaat? Paulus is waarschijnlijk wel getrouwd geweest als rabbijn. Toch spreekt Paulus anders dan de rabbijnen in de Mischna. Dat is het wonderlijke bij Paulus. In de Mischna is alle kiesheid zoek. Ook zijn beschouwing van de vrouw is anders. Moeten wij nu het coelibaat handhaven, denkende aan de vele ongehuwde candidaten, die maar geen plaats kunnen krijgen? Dit is een vraag waar we ons meer op moeten bezinnen. Na nog enkele besprekingen wordt besloten de volgende vergadering te houden in Warnsveld op vrijdag 29 maart na Pasen. Onderwerp in te leiden door Gerritsen: Opmerkingen over Liturgie in de crisis.

O. Noordmans

(ADRB)

Noten

  1. 1

    G. de Ru (1907-1994), hervormd theoloog en predikant te Ritthem 1932, Almen 1938, Rotterdam-C. 1942, predikant-directeur Diaconessenhuis te Rotterdam 1946-1953 en o.a. praeses Generale Synode 1956 en 1965-1969, voorzitter van de Algemene Diaconale Raad 1957-1962, voorzitter Nederlandse Raad van Kerken 1970-1972; promoveerde in 1964 RUL over De kinderdoop en het Nieuwe Testament; heeft een groot aantal publikaties op zijn naam.↩

  2. 2

    De Regenboog was een Broederkring van predikanten in De Graafschap. ON is daarvan lid, later ook voorzitter geweest. In juli 1940 bedankte hij. Reeds in 1923/24 was hij tot de kring toegetreden.↩

  3. 3

    A. van der Hoeven (1903-1986), herv. pred. te Wehl 1927, Vollenhove 1930, Warnsveld 1934 en Utrecht 1946, emigratiepredikant te Australië, predikant te Ressen 1965-1968 em., promoveerde over Otto Gerhard Heldring (1942).↩

  4. 4

    J.F. Ossewaarde, zie brief nr. 421 (16.3.1933), n. 2.↩

  5. 5

    J.M. Gerritsen, zie brief nr. 532 (14.10.1935), n. 7.↩

  6. 6

    Gr.: ‘eigen’ en ‘van hem’.↩

  7. 7

    Gr.: ‘om u tegemoet te komen’.↩

Verantwoording

Deze pagina is automatisch opgebouwd uit het zetbestand van het boek; de noten zijn aan hun verwijzing gekoppeld. Dat bestand heeft geen paginanummers: een brief wordt aangehaald met zijn nummer. Zet onder Weergave de correcties aan om de herstelde en de onzekere plaatsen (⚑) in de tekst te zien. De tekst is niet met het gedrukte boek vergeleken.

← 644. O. Noordmans aan P. ScholtenLaren Gld. 1935-1945646. O. Noordmans aan H.B. Spijkerboer →