879. O. Noordmans aan K.H. Miskotte
Lunteren, 3 juli 1950
Waarde Miskotte,
Dank voor je brief van 21 juni j.l.1 Ik schrik van de vele dagen, die ik je heb laten wachten op antwoord. Ik zat er een beetje mee. Het trekt mij wel aan, over Hervorming en Catholiciteit2 te schrijven. Ik las het toen ik te Arnhem lag. Jongere collega’s noemen het de ‘Zevenklapper’3 Maar ge hebt er niet veel aan, als ik beloften doe, die ik niet nakom. Ik heb nog andere verplichtingen, over kerkorde en over Rome, waar ik nog niet aan toe ben gekomen. En er is zoveel meer, wat ik elders schuldig ben gebleven of waar ik zelf aan zit te denken. - Zijt ge er nogal haastig mee? Vraag dan een ander. Vindt ge ’t niet erg, als ik er mee zeur, waag het dan een tijd en als het te lang duurt, vraag dan weer een ander. Dit is het enige antwoord, dat ik eigenlijk kan geven. Ik moet me nog in acht nemen. Ik lijd wat aan slapeloosheid de laatste tijd. Overigens is de gezondheid bevredigend. - Prachtig dat het je kinderen zo goed gaat. - Mijn zoon zit voor zijn candidaats-theologie. Candidaats-rechten heeft hij gedaan. Met hartelijke groet,
O. Noordmans
(AKHM)