892. H.M.J. Wagenaar1 aan O. Noordmans
’s-Gravenhage, 31 januari 1951
Zeer geachte dr. Noordmans,
Bij deze moge ik u mededelen, dat uw memorie inzake ‘Eed en Belofte’ naar aanleiding van het desbetreffend rapport van het Humanistisch Verbond, in goede orde is ontvangen. Namens de werkgroep ‘Kerk en Overheid’ moge ik u wel zeer hartelijk dankzeggen voor de aan dit onderwerp bestede aandacht en de zo snelle toezending van genoemd stuk. Het ligt in de bedoeling van de werkgroep uw memorie te behandelen in haar eerstvolgende vergadering, die zal worden gehouden op donderdag 8 februari a.s. Ik hoop u t.z.t. van de verdere afwikkeling van dit vraagstuk op de hoogte te stellen. Inmiddels verblijf ik met de meeste hoogachting,
H.M.J. Wagenaar, wnd secretaris
(voor deze mej. dr. J. van Rossum)
(AN)