Stichting dr. O. Noordmans
Verzamelde Werken Inhoud Bijbelregister Zoeken

Verzamelde Werken, deel 9B, Lunteren 1945-1955

Weergave
Passages naar Readwise sturen

898. K.H. Miskotte: ‘Dr. O. Noordmans’1

Eergisteren, 18 juli, is dr. Noordmans tachtig jaar geworden. Twee jaar geleden vreesden wij voor zijn leven. Hij werd ons teruggegeven; hij leeft en werkt in het stille Lunteren en als niemand van het boekenlezend publiek iets van hem merken zou - de Waagschaal-kring ontmoet hem bijna elke week in de meditaties, die hij voor ons wil schrijven. Het ligt voor de hand, dat we hem hier in deze kolommen van harte groeten en gelukwensen bij het bereiken van deze leeftijd der sterken en bij het behoud van zijn geestelijke krachten. Wij zijn blij met hem en de zijnen. Wij willen uiting geven aan onze diepe verering voor zijn persoon, aan onze grote dankbaarheid voor zijn werk. Voor ons is dr. Noordmans een klasse apart, een theoloog van eigen rechte, een synthetische gestalte zonder weerga. Het is typisch voor hem en niet minder voor onze vaderlandse kerk, dat hij zo laat aan het woord is gekomen2 en dat velen nog geen vermoeden hebben, dat in hem reeds volop verwerkelijkt is wat men zoekt (of voorgeeft te zoeken) namelijk: de opheffing van de richtingen. De waarheidselementen van elk (die overblijven als de achterlijkheid en de voorlijkheid, de rancune en de polemische verstarring, het partijdig Schriftgebruik en de mentaliteiten zijn uitgeschakeld) heeft hij saamverbonden; en dan is het geen kleinste gemene deler, dan is het niet een verbinding, waarvan de naden nog zijn te zien, dan is het iets nieuws geworden. En het nieuwe is toch ook weer niet algemeen ‘oecumenisch’, vaag, enkel mogelijkheid en belofte. Het is goed-Hollands en het is goed-katholiek, het is goed-gereformeerd en van een zuivere mystiek. En wie nu menen zou, dat het geheel van zijn gedachten dus een meer afsluitend karakter draagt, die zou zich vergissen. Ik ben overtuigd, dat de perspectieven, die hij geopend heeft, gesteund door een enorme eruditie en een magische intuïtie, ons de weg wijzen naar nieuwe gewesten van kennis, voordien niet of nauwelijks betreden. Het is een theologie van de Heilige Geest, het raakt aan een theologia visionis, het voert ons tot een christelijk- ascetische en vrolijke wijsheid, die we pas veel later als de echte bijbelse levensstijl van deze tijd zullen onderkennen. Een van de redenen waarom het velen ontgaat is de ingehouden toon, het totaal gebrek aan pathos, de schuchterheid van de accenten; zijn woorden zijn - en dat schijnt tragisch - hoewel geheel afgestemd op de nood van de moderne mens, te eenvoudig en te geconcentreerd om de aandacht te trekken van een overladen, luidruchtig, sensationeel geslacht. Ook de kerk is veelszins nerveus en kittelorig van sensatielust. Zij ziet over die kleine boeken heen, waarvan een hoofdstuk meer waard is dan een foliant van beroemde systematici. Wie zijn Augustinus3 leest, zijn Liturgie,4 zijn Geestelijke Perspectieven,5 zijn Zoeklichten,6 zijn lekendogmatiek Herschepping,7 zijn catechismusverklaring Het koninkrijk der hemelen,8 zijn meditaties uit Zondaar en Bedelaar9 en uit Gods poorten,10 merkt vaak wel dat het ‘alles’ heel bijzonder is, maar hij leest bijna even vaak over ‘alles’ heen. Ik weet niet wat de wetenschappelijke toekomst zal zijn van de ‘phaenomenologie’ - maar ik weet dat Noordmans de grootste, zij het dan irregulaire, phaenomenoloog van Nederland is. Hier ontmoeten we werkelijk het geniale. Het stuk: ‘Licht en donker in de exegese’11 is er vol van; ook het onuitputtelijke ‘Psychologie en Evangelie’12 en zijn essay over ‘het Geweten’;13 maar ook de brede meditatie over Melchizedek (in Zondaar en Bedelaar).14 Daarbij heeft dit voluit onnavolgbare en ons als in een duizeling meevoerende een taalkracht, die het voor lang bewaren zal en een eenvoud, die een gelijkenis met het hemelse beseffen der schatten Gods schijnt te wezen. Wat zullen we in onze ontroerde dankbaarheid nog meer zeggen? Wat moeten we hem en ons toewensen? God geve hem in de staat en de stand van Simeon15 te mogen blijven in zijn werk en in zijn uiteinde. Geven wij hem zelf het woord (een ‘open leven’ uit Zondaar en Bedelaar, blz. 87v.). ‘Wat is het heerlijk als het leven op die wijze wordt afgesloten ... en zonder dat is er geen levensstijl.’ Vereerde meester, geliefde vader en broeder in Christus, God geve u in Zijn trouw, dat gij zult mogen trouw zijn van dag tot dag aan deze stijl van leven, aan deze schoonheid van het open leven, met elke dag meer en beter uitzicht.

Noten

  1. 1

    IdW 6 (1950/51) nr. 42, 329.↩

  2. 2

    Zijn theologische produktie is hoofdzakelijk eerst te Laren (sinds 1923) op gang gekomen.↩

  3. 3

    Augustinus (Haarlem 1933), VW 3, 32-198.↩

  4. 4

    Liturgie (Amsterdam 1939), VW 6, 45-164.↩

  5. 5

    Geestelijke Perspectieven (Amsterdam 1930).↩

  6. 6

    Zoeklichten (Amsterdam 1949).↩

  7. 7

    Herschepping (Zeist 1934), VW 2, 214-322,↩

  8. 8

    Het koninkrijk der hemelen (Nijkerk 1949), VW 2, 433-552.↩

  9. 9

    Zondaar en bedelaar (Amsterdam 1946), VW 8, 13-100.↩

  10. 10

    Gods poorten (Amsterdam 1949), VW 8, 101-178.↩

  11. 11

    ‘Licht en donker in de exegese’ in Geestelijke Perspectieven, VW 2, 7-15.↩

  12. 12

    ‘Psychologie en Evangelie’ in Zoeklichten, VW 3, 98-118.↩

  13. 13

    ‘Het geweten’ in Zoeklichten, VW 6, 466-482.↩

  14. 14

    ‘Ons aller moeder’ in Zondaar en bedelaar, VW 8, 26-34.↩

  15. 15

    Zie Luk. 2:25-35 in Zondaar en bedelaar, VW 8, 62-63.↩

Verantwoording

Deze pagina is automatisch opgebouwd uit het zetbestand van het boek; de noten zijn aan hun verwijzing gekoppeld. Dat bestand heeft geen paginanummers: een brief wordt aangehaald met zijn nummer. Zet onder Weergave de correcties aan om de herstelde en de onzekere plaatsen (⚑) in de tekst te zien. De tekst is niet met het gedrukte boek vergeleken.

← 897. K.H. Miskotte aan O. NoordmansLunteren 1945-1955899. H. Berkhof aan O. Noordmans →