650. G. de Ru1 aan O. Noordmans
Zeist, 18 juli 1940
Hoogeachte dr. Noordmans,
U en uw gezin wil ik mede namens Nan hartelijk gelukwensen op uw verjaardag.2 Moge de Heer u nog enige jaren sparen voor de uwen, maar ook voor onze vaderlandse kerk. Het zijn hoogstwaarschijnlijk niet de gemakkelijkste jaren, die nog komen. Maar Hij, die ons riep, is getrouw! Wij gingen met vacantie en leven hier echt bij de dag, zonder verdere plannen. Tot nu toe was het rustig en genoten wij van onze vrijheid na de vele spanningen in- en buitenshuis. De kinderen leiden de gedachten af naar de gewone dingen, zij zijn vrolijk in hun onwetendheid. Een rijk bezit. Onnodig te zeggen, dat uw besluit t.a.v. de Regenboog3 mij verraste.4 Het zal voor ons een geheel gemis zijn! Gaat u nog naar Warnsveld5 ten afscheid? We moeten uw besluit billijken, al hadden we het graag nog wat opgeschoven gezien. Doet u nog wel een keer mee aan de samenkomst in het ‘Smale-bosch’?6 25 augustus denk ik. De uitnodiging uit de pastorie te Angerlo kan ik nu ook niet aannemen.7 Wel hoor ik graag wat er werd besproken. Jammer, dat de classikale vergaderingen die onderwerpen niet kunnen behandelen. Zou een buitengewone classikale vergadering in de herfst of winter niet kunnen tot stand komen? Met hartelijke groeten voor u en de uwen, mede namens mijn vrouw, gaarne uw dw.,
G. de Ru.
(AN)