Stichting dr. O. Noordmans
Verzamelde Werken Inhoud Bijbelregister Zoeken

Verzamelde Werken, deel 9A · 1. Zetten

Weergave

14. Ouders aan Oepke

Scharnegoutum, 19 februari 1886

Lieve Oep!

Gij zult wel weer eens willen weten hoe of alles zowat is thuis. Ik begin dan u te vertellen dat wij nu D.V. kalfsvlees krijgen, er hebben heden twee dieren gekalfd - beide kalveren zijn voor de slachtbank bestemd, een voor onszelf en een voor Gerben e.a. Hebt gij nu ook al kalfsvlees gegeten? Anne is tegenwoordig bij Lambers en Trijntje, hun meid is ziek en nu helpt Anne Trijntje wat, tot zo lang de meid weer terug komt of (want het lijkt nogal van ernstige aard, wel niet levensgevaarlijk) tot ze weer een andere hebben. Gij begrijpt, nu heeft moe het wat druk - maar het gaat nogal; wij zijn thans in de stille weken, niet veel uit, niet veel aanloop en de studenten en gymnasiasten1 zijn nu ook alle weg. Het is dus tamelijk rustig in huis, behalve dat de zonen des huizes nog al aardig beweging maken, hetwelk trouwens een teken van gezondheid is. Jacob begint nu al een beetje muziek te leren (de arm is nu geheel hersteld). Gep gaat nog niet naar school, wel is ze beter dan ze geweest is, maar toch nog niet al te wel en het is thans nogal koud, daarom blijft ze nog wat in huis. Moe en ik zijn goed gezond, ook Jaap en Pier, Van der Meer en Baaije en kleine Gep2 en zover wij weten ook Anne, Lambers en Trijntje en de kinderen. Onze kippen leggen nog niet veel eieren, onze koeien geven echter nogal aardig wat melk, hoewel het ook met de boerderij in de stille weken is. Hebt gij ook nog al eens gereden op schaatsen? Bij ons komt er niets van, want Anne is niet thuis, Jaap mag niet om zijn arm, Gep komt er niet uit en Pier heeft wat last van zijn ogen gehad en mag dus na schooltijd niet in de avondlucht, ook is het ijs slecht en zwak, dewijl er sterk is gestrooid en ook gemalen. En zo heb ik dan, lieve Oep, u een blik in de huiselijke kring laten slaan per brief, dewijl uw ogen zover niet kunnen zien om een kijkje te nemen en uw voeten niet in staat zijn om u een dag in ons midden te brengen en wij alzo verhinderd zijn elkander te ontmoeten, doch al is het dat onze ogen elkander niet zien, toch leeft er een God in de hemel wiens ogen dag en nacht open zijn over u en ons, en al is het dat wij geen plaats kunnen bepalen werwaarts onze voeten ons kunnen brengen om elkander eens te ontmoeten, toch is er een plaats waar wij elkander kunnen ontmoeten, namelijk voor de troon der genade, waar wij onze behoeften over en weer kunnen brengen en ook onze begeerten. De Here geve dat wij u en gij ons daar moogt ontmoeten in den gebede - want onder zijn hoede alleen zijn wij veilig, ook dan wanneer onze ouderzorg u niet kan bereiken, en uw kinderliefde ons niet aanschouwelijk kan blijken. Zijt verder hartelijk gegroet van uw u liefhebbende Vader en Moeder

D.P. Noordmans, G.O.de Roos.

Ook hartelijk gegroet van uw zuster Anne, Van der Meer en Baaije (ze hebben ons dit verzocht) alsmede van Jacob, Pier, Gep, Gerben en Ytje.

Bladvulling

U mag men zalig heten, Dien ’s Heren vrees bekoort; Die, met een goed geweten, Steeds wandelt naar zijn woord (Psalm 128:1).3 Want God heeft zijn getuigenis gegeven aan Jacobs huis; een wet om naar te leven, die Israël zijn nageslacht moet leren, opdat men nooit haar kennis moog’ ontberen; God vordert dat de naneef, eeuwen lang van kind tot kind, dit onderwijs ontvang’, opdat z’op God hun hope stellen zouden: in ’t oog zijn daân, in ’t hart zijn wetten houden (Psalm 78:3 en 4).4 Zo zij het.

Uw u liefhebbende Vader

D.P. Noordmans.

(AN)

Noten

  1. 1

    De studenten (aan de VU) zijn Hans van Dijk en Oepke de Roos en de gymnasiasten zijn Dirk Eringa en Rudolf Enderlé, zoon van ds. Enderlé te Scharnegoutum.↩

  2. 2

    Kleine Gep is dochter van Ate en Baaije van der Meer.↩

  3. 3

    Berijming 1773.↩

  4. 4

    Ibidem.↩

Verantwoording

Deze pagina is automatisch opgebouwd uit het zetbestand van het boek; de noten zijn aan hun verwijzing gekoppeld. Dat bestand heeft geen paginanummers: een brief wordt aangehaald met zijn nummer. Zet onder Weergave de correcties aan om de herstelde en de onzekere plaatsen (⚑) in de tekst te zien. De tekst is niet met het gedrukte boek vergeleken.

← 13. Oepke aan zijn ouders1. Zetten15. Ouders aan Oepke →