Stichting dr. O. Noordmans
Verzamelde Werken Inhoud Bijbelregister Zoeken

Verzamelde Werken, deel 9A · 6. Suameer

Weergave

311. J.A. Cramer1 aan O. Noordmans

Den Haag, 25 augustus 1919

Waarde vriend,

Gij hebt mij een groot genoegen gedaan met de toezending van uw referaat,2 dat reeds op de predikantenvergadering zoveel genot had verschaft. Ik vond het heerlijk alles nog eens rustig te kunnen overlezen. Ik behoef u wel niet te verzekeren, dat alles van A tot Z uit mijn hart is gegrepen. Dit is nog eens echt ethische theologie! Velen noemen zich ethische theologen maar zijn nòch ethisch nòch theologen. En daarom doet het zo goed met zulke ras-echte exemplaren van de soort in aanraking te komen, als gij! Gij hebt veel meer wijsgerige scholing dan ik en kunt de dingen dan ook oneindig beter en pittiger zeggen. Daarom geniet ik er zo van. Mijn geest gaat een andere richting uit, en daarom ben ik zo blij, wanneer anderen zo keurig uitdrukken wat ik voel. Jammer dat ethische dominees zo weinig geestelijk contact met elkaar hebben. Ik heb het wel eens gezocht bij de jongeren, maar ’t lukt niet. We zijn nog te individualistisch, te einspännerig! God zegene u en uw werk. Uw woord maakt u tot onze vriend. Hartelijke groeten tt.

J.A. Cramer.

(AN)

Noten

  1. 1

    J.A. Cramer (1864-1952), promoveerde 1889 RUU over A. Heidanus en zijn Cartesianisme, herv. pred. o.a. te ’s-Gravenhage 1896, hoogleraar kerk- en dogmengeschiedenis te Utrecht 1921-1934; voorvechter van de oecumenische beweging.↩

  2. 2

    ‘Gemeenschap en persoonlijkheid’ voor de Nederlandse Hervormde Predikantenvereniging op 30.4.1919. Het referaat verscheen met enkele wijzigingen in twee afleveringen in Stemmen voor Waarheid en Vrede: Uit de kroniek in Stemmen voor Waarheid en Vrede blijkt dat op die vergadering verder spraken: prof.H.Th. Obbink (opening), dr. Th.L. Haitjema (over waarheid en bewustzijn), dr. J.A. Cramer (over een christendom zonder de persoon van Christus’), dr. Anne Troelstra (over het godsdienstonderwijs). Het referaat van ON is opgenomen in VW 1, 205-230.↩

Verantwoording

Deze pagina is automatisch opgebouwd uit het zetbestand van het boek; de noten zijn aan hun verwijzing gekoppeld. Dat bestand heeft geen paginanummers: een brief wordt aangehaald met zijn nummer. Zet onder Weergave de correcties aan om de herstelde en de onzekere plaatsen (⚑) in de tekst te zien. De tekst is niet met het gedrukte boek vergeleken.

← 310. A.M. Brouwer aan O. Noordmans6. Suameer312. J. van Dorp aan O. Noordmans →