Stichting dr. O. Noordmans
Verzamelde Werken Inhoud Bijbelregister Zoeken

Verzamelde Werken, deel 9A, Suameer 1910-1923

Weergave
Passages naar Readwise sturen

290. H. van Eyck van Heslinga1 aan O. Noordmans

Berlikum, 15 december 1914

Weleerwaarde Zeergeleerde Heer!

Ofschoon ’t mij veel zelfverloochening kost, zal ik mij de moeite getroosten u alsnog te antwoorden.2 Toen de hr. Harmsma3 hier was, heb ik de positie ingenomen, die ik innemen moest en hem op zijn fouten gewezen, b.v. zo mis was zijn niet-kerkgaan, dat hij als hij ’t niet anders had kunnen doen nog ambtshalve had moeten doen. Ernstig wees ik hem op de gevolgen, want aangenomen zelfs dat de commissie van beroep een eventueel ontslag niet goedkeurde, zou toch het ontslagen worden op zich zelf reeds minder aangenaam voor hem zijn enz., enz. Het is ’n niet zo erg onbekend spreekwoord, dat de toon de muziek maakt, maar ’t schijnt u onbekend. Intussen geloof ik mij ’t uiterste te hebben laten welgevallen van uw beleefdheid. U zal de verzekering moeten aanvaarden, dat dit voortaan mijn houding tegenover u bepaalt.

H. van Eyck van Heslinga.

(AN)

Noten

  1. 1

    H. van Eyck van Heslinga, zie brief nr. 205 (6.2.1908), n. 1.↩

  2. 2

    Brief van ON aan Van Eyck is onbekend.↩

  3. 3

    K. Harmsma, schoolmeester te Suameer.↩

Verantwoording

Deze pagina is automatisch opgebouwd uit het zetbestand van het boek; de noten zijn aan hun verwijzing gekoppeld. Dat bestand heeft geen paginanummers: een brief wordt aangehaald met zijn nummer. Zet onder Weergave de correcties aan om de herstelde en de onzekere plaatsen (⚑) in de tekst te zien. De tekst is niet met het gedrukte boek vergeleken.

← 289. H. van Eyck van Heslinga aan O. NoordmansSuameer 1910-1923291. O. Noordmans aan H. Stoel →