516. G. van der Leeuw1 aan O. Noordmans
Groningen, 4 october 1935
Amice,
Je zult het bericht van het je verleende eredoctoraat nu wel hebben ontvangen2 en daarom wil ik niet langer wachten met je van ganser harte geluk te wensen. Je begrijpt wel, dat ik Aalders’3 voorstel zeer hartelijk heb gesteund. Trouwens, de faculteit was unaniem. Het doet mij buitengewoon veel genoegen, dat wij in staat waren je op deze wijze althans iets te vergoeden van de teleurstellingen, die je niet bespaard bleven en je de titel te geven, die je al sedert lang meer dan toekomt. Dank voor je bundeltje,4 dat ik spoedig hoop te lezen. Mocht je betreffende de promotie nog iets willen weten of logies zoeken, dan spreek je maar. Trouwens, Aalders zal je wel reeds hebben ingelicht. Met hartelijke groet, t.t.
G. van der Leeuw.
(AN)