Stichting dr. O. Noordmans
Verzamelde Werken Inhoud Bijbelregister Zoeken

Verzamelde Werken, deel 9B, Laren Gld. 1935-1945

Weergave
Passages naar Readwise sturen

573. O. Noordmans aan P.H.Th. Stevens1

Laren (G.), 23 december 1936

Hooggeachte collega Stevens,

Dank voor uw schrijven van 14 december j.l.2 tot welks beantwoording ik mij gaarne nog zet voor ik u op 28 december te Utrecht ontmoet. Ik was niet de enige die door uw publicatie in Hervormd Nederland enigszins onaangenaam verrast was. U herinnert zich de discussie op de laatste vergadering van het moderamen, vooral aan het slot.3 Er was daar sprake van een soort motie van wantrouwen tegenover de reorganisatie-commissie. Ook de toenmalige voorzitter, prof. Van der Leeuw, reageerde daarop in ’t begin van de vergadering nogal krachtig. Ons werden de oorspronkelijke lijnen van ons reorganisatie-rapport min of meer verwijtend voorgehouden, alsof wij daarvan waren afgeweken. Een zeer wel verzachte motie-Wagenaar is ten slotte nog in bespreking gekomen, die bedoelde om aan de vergadering, voor zover ze in oppositie was, lucht te verschaffen. Daartegen heb ik mij toen nog verzet, omdat ik meende dat er geen aanleiding toe bestond. Aris,4 die de krassere motie had voorgesteld, was zelf lid van de reorg. commissie en ik meende dat daardoor een zeer scheve verhouding zou ontstaan, ook naar buiten. Ik moest de vergadering verlaten, maar hoorde dat de zaak met een sisser was afgelopen. Enige tijd later kwam toen uw stuk in Hervormd Amsterdam.5 Daarin kwam de motie voor een deel bijna woordelijk voor als gevoelen van de vergadering van Kerkopbouw. In den lande werd daardoor de indruk gewekt, dat wij als reorganisatie-commissie half gedesavoueerd waren. Ook de omstandige betogen, waarmee gij de belangrijkheid van het reorganisatie-werk tegenover de andere arbeid van Kerkopbouw trachttet te verkleinen, wezen in dezelfde richting. Er woei in dat stuk een wind, waarvan wij ons afvroegen: wat steekt daarachter? Wij waren te meer verrast, omdat gij het secretariaat had waargenomen bij de besprekingen met Kerkherstel. - Intussen heeft uw schrijven mij wel een en ander duidelijk gemaakt, zoals ik vertrouw dat gij u ook onze verwondering over uw stuk kunt indenken. Laten we hopen - en ik twijfel daaraan niet - dat de dingen op 28 december6 tot een bevredigend einde zullen worden gebracht. Inmiddels met coll. groet, uw. dw.

O. Noordmans.

(AKO)

Noten

  1. 1

    Zie brief nr. 397 (31.3.1931), n. 2.↩

  2. 2

    Dit is niet teruggevonden. Vgl. brief nr. 572 (29.11.1936).↩

  3. 3

    De moderamenvergadering van 13.10.1936. Hier werd het akkoord met KH besproken. Er waren besprekingen in afwachting van de mogelijke installatie van een reorganisatiecie. door de synode van 1936, gevoerd door een informatiecie., die was samengesteld door leden van KO (B.J. Aris, G. van der Leeuw, O. Noordmans, C.G. Wagenaar) en KH (Th.L. Haitjema, R.B. Evenhuis, H. Mulderije, J.E. Uitman) en een synodale afvaardiging (J.W.J. Addink, F. Tammens, L.S. van Zwet). De informatie-cie. wist een nader uitgewerkt akkoord samen te stellen. Op 6.8.1936 werd de synodale reorganisatiecie. geïnstalleerd (zie VW 5, 331, n. 1). De reorganisatiecie. kwam op 16.10.1936 voor het eerst samen. Dat er oppositie bestond binnen KO wordt bevestigd door de notulen van de moderamenvergaderingen. Daaruit blijkt dat bezwaar bestond bij Aris, Sevenster, Bleeker.↩

  4. 4

    B.J. Aris, zie brief nr. 430 (21.8.1933), n. 2.↩

  5. 5

    Artikel Stevens in Hervormd Amsterdam, zie n. 3.↩

  6. 6

    28 december 1936, moderamenvergadering.↩

Verantwoording

Deze pagina is automatisch opgebouwd uit het zetbestand van het boek; de noten zijn aan hun verwijzing gekoppeld. Dat bestand heeft geen paginanummers: een brief wordt aangehaald met zijn nummer. Zet onder Weergave de correcties aan om de herstelde en de onzekere plaatsen (⚑) in de tekst te zien. De tekst is niet met het gedrukte boek vergeleken.

← 572. O. Noordmans aan J.F. BeerensLaren Gld. 1935-1945574. Joh. De Groot aan O. Noordmans →