Stichting dr. O. Noordmans
Verzamelde Werken Inhoud Jaren Bijbelregister Zoeken

Verzamelde Werken, deel 9A, Idsegahuizum en Piaam

Weergave
Passages naar Readwise sturen

265. A.H. de Hartog1 aan O. Noordmans

Haarlem, 30 mei 1910

Amice,

Dank voor je schrijven, zo rijk.2 Ook mij zou het goed doen, je eens weer te spreken. Maar bovenal dit woord om je mijn hartelijke deelneming uit te spreken bij het verlies, dat je leed. Ik zelf weet bij ondervinding, hoe de wereld verkeert, als de Moeder sterft. En ik vermoed, dat wij ook in dit opzicht gelijkelijk gevoelen. Zo heb ik dan geen andere of betere bede dan deze, die bij mij zelf in vervulling ging: dat God maar inkere waar het ledig werd. Emerson3 heeft ergens gezegd: engelen vertrekken, opdat aartsengelen komen zouden. Wij kennen heerlijker troost nog: God vervult met zich zelf, waar het schepsel ons ledig laat. Met een stille handdruk in medeleven, je

De Hartog

(AN)

Noten

  1. 1

    A.H. de Hartog, zie brief nr. 154 (23.11.1901), n. 1.↩

  2. 2

    Onbekend.↩

  3. 3

    R.W. Emerson (1803-1882), populaire moralistische pedagoog in Amerika. Hij schreef opstellen over natuur, geschiedenis, literatuur en filosofie.↩

Verantwoording

Deze pagina is automatisch opgebouwd uit het zetbestand van het boek; de noten zijn aan hun verwijzing gekoppeld. Dat bestand heeft geen paginanummers: een brief wordt aangehaald met zijn nummer. Zet onder Weergave de correcties aan om de herstelde en de onzekere plaatsen (⚑) in de tekst te zien. De tekst is niet met het gedrukte boek vergeleken.

← 264. A.H. de Hartog aan O. NoordmansIdsegahuizum en Piaam266. H. Visser aan O. Noordmans →