486. B. Klein Wassink1 aan O. Noordmans
Bathmen, 9 januari 1935
Amice,
Ik moet je even de hand drukken, zij ’t slechts langs de weg van dit papier. Ik heb zeer sterk het gevoel, dat je onrecht is aangedaan. Dat de paarden, die de haver verdienen...enz. Het is meer voorgekomen onder de mensenkinderen, zolang deze aarde draait om de zon. Een schrale troost, maar... de enige! Het zal je wel niet ontbreken aan datgene, wat nodig is om deze nieuwe teleurstelling met waardigheid te dragen. Toch had ik behoefte je even sterkte toe te wensen. Met hartelijke groeten, tt.
B. Klein Wassink.
(AN)