455. J.C. Franken1 aan O. Noordmans
Utrecht, 5 april 1934
Hooggeachte ds. Noordmans,
Woensdag a.s. moet ik op de vergadering van de Nederlandse Hervormde Predikantenvereniging een referaat houden over ‘De verhouding van objectiviteit en subjectiviteit in de theologie.’2 Naar aanleiding hiervan wees dr. M.C. Slotemaker de Bruïne3 mij op uw artikel: ‘Het kerkelijk dogma’ in het boek, dat binnenkort zal verschijnen.4 Een drukproef van dit artikel heb ik met de grootste aandacht gelezen en bestudeerd. Nu wilde ik u vragen of gij het mij wilt toestaan uw artikel niet alleen te vermelden, maar het ook te mogen behandelen. Ik vraag u dit daarom, omdat ik uw stuk in meerdere opzichten van de grootste betekenis acht en dus gaarne in het referaat hieraan zou aanknopen. Ik hoop ten zeerste, dat gij hiertegen geen bezwaar zult hebben. Gaarne zou ik van u omgaand vernemen of gij uw toestemming hiertoe kunt verlenen. Met de meeste hoogachting en vriendelijke groeten, uw dw.
J.C. Franken
(AN)