Noordmans en J.P. Eringa
8 brieven uit de jaren 1897–1913: 0 van Noordmans, 8 aan hem. Op volgorde van datum; links J.P. Eringa, rechts Noordmans.
- 1897
- 137. J.P. Eringa aan NoordmansOostwold (Oldambt), 22 oktober 1897Reeds veel te lang heb ik het uitgesteld om uw letteren van 10 augustus (dat is waarlijk reeds meer dan twee maanden geleden) te beantwoorden. Intussen hebt gij vacantie genomen en enige tijd bij uw …
- 1901
- 151. J.P. Eringa aan NoordmansOostwold (Oldambt), 30 maart 1901Wees van ons hartelijk gefeliciteerd met uw welgeslaagd candidaatsexamen II. “Dat gift us ’t slüdjaget, nou ’t jou vuur ien keer oer op ’e gleed l iuwe.” Wij verheugen ons daarover zeer en zien uit …
- 153. J.P. Eringa aan NoordmansOostwold (Oldambt), 18 mei 1901Toen ge mij voor de paasvacantie bericht zond over uw slagen voor het IIde deel candidaatsexamen, ‘cum laude’, heb ik u per briefkaart gefeliciteerd, maar ik ben nog altijd in gebreke gebleven u eens …
- 1902
- 157. J.P. Eringa aan NoordmansAmsterdam, 13 juni 1902Laat mij u allereerst nog eens vriendelijk danken voor het gulle onthaal bij gelegenheid van uw voorstel. Dat was een heel familie-diner, waarvan de gastheer aller eer had. Jammer dat er een ietwat …
- 158. J.P. Eringa aan NoordmansSpannum, 16 juli 1902Om mij niet aan onbeleefdheid schuldig te maken, wil ik uw brief van 6 juli j.l. nog kort beantwoorden, ofschoon ik inzie, dat verdere discussie bij het door u ingenomen standpunt nutteloos en …
- 1904
- 176. J.P. Eringa aan NoordmansAmsterdam, 31 maart 1904Door de vele drukte hier in Amsterdam is het waarlijk moeilijk de correspondentie met familie en kennissen enigszins geregeld bij te houden. En toch breek ik niet gaarne een briefwisseling met de een …
- 1910
- 263. J.P. Eringa aan NoordmansAmsterdam, 19 mei 1910Ofschoon wij kort geleden in Friesland zijnde wel gehoord hadden, dat de gezondheid van uw geliefde moeder achteruit ging, zo kwam toch het bericht van haar overlijden voor ons enigszins onverwacht. …
- 1913
- 280. J.P. Eringa aan NoordmansAmsterdam, 8 augustus 1913Toen wij onlangs het genoegen hadden u te horen en te spreken, heb ik met opzet vermeden, zoals gij wel zult gevoeld hebben, iets te zeggen naar aanleiding van de preek, die wij van u gehoord hadden, …