Stichting dr. O. Noordmans
Verzamelde Werken Inhoud Jaren Bijbelregister Zoeken

Verzamelde Werken, deel 9B, Lunteren

Weergave
Passages naar Readwise sturen

740. O. Noordmans aan K.H. Miskotte

Laren (G.), 30 mei 1945

Waarde Miskotte,

Je brief over het overlijden van Koopmans1 ontving ik indertijd in goede orde. Dank je zeer voor dit uitvoerig schrijven, dat mij vier weken later, eind april, bereikte. Hoe droevig, dat vroege heengaan van onze vriend, van wie nog zoveel verwacht mocht worden. Welke zware offers vraagt deze tijd. Het is moeilijk te verstaan; althans ik heb er moeite mee. Wij hebben dit jaar veel meegemaakt. Verleden jaar Pinksteren het overlijden van onze zoon.2 In november werd de pastorie, die wij nog bewoonden, ook na mijn emeritaat op 25 juni 1944, gevorderd. Sedert zijn wij viermaal verhuisd, terwijl onze goederen verstrooid zijn. Mijn bibliotheek ligt op vier zolders, ergens. In de Paasweek explodeerde de pastorie. Er ligt letterlijk geen steen meer op de andere. De kerk is dakloos. De consulent, collega Pasma3 kwam om in een concentratiekamp, krachtige jonge man van 36 jaar. De beroepen predikant - De Bie4 - stierf te Ginneken op 33-jarige leeftijd aan een operatie. M’n gehuwde dochter5 lag van october tot mei in ziekenhuizen tengevolge van een zenuwschok door wat zij in october te Putten mee moest beleven. Zij woont nu Nassaukade 826 (tijdelijk). De bevrijding is er nu; hier kwam zij op 5 april. Wij wisten dat het in de grote steden verschrikkelijk was en hebben in grote spanning de bevrijding van het westen afgewacht. Nu wachten wij in spanning op wat de vrede brengen zal. (wordt vervolgd)

Laren (G.), 30 mei 1945 (vervolg)

Ons leven hier komt voorlopig niet weer op orde. Ik heb geen huis en zie geen kans er een te krijgen. Wij hebben een zitkamer ergens en elders een slaapkamer. Voor onze bezittingen staan ons alleen verspreide zolders, enz., ten dienste. Veel is verwoest door een driedaags granaatvuur; veel is gestolen. Zaterdag voor Pasen ontsnapten mijn vrouw en ik ternauwernood aan de dood, daar een salvo van een vliegtuig onze zeer kleine slaapkamer, waar wij toevallig aanwezig waren, doorboorde. Een wastafel werd vergruisd. Ik kreeg een paar kleine wondjes aan het hoofd. Vier weken vroeger ging ik vlak langs de dood, toen een deel van een V1 op enkele meters afstand van mij ontplofte en twee doden eiste, vlakbij. Mijn jongste zoon kwam 16 mei behouden uit z’n omzwervingen terug.7 Het leven heeft veel meegebracht. Wat zal de zin van dit alles blijken te zijn geweest? Doodsgevaren zijn niet het ergste om door te maken. Zij zijn kort en gaan dan voorbij. Het ergste is de algemene ontwrichting van het leven, de blijvende persoonlijke verliezen van hen die niet wederkeren, de dagelijkse kwelling van de levensnauwte, het vreselijke isolement, de wanorde in de instrumentatie van het leven, het gebrek aan pied à terre, de afkoeling van de ziel. Met hartelijke groet,

O. Noordmans.

(AKHM)

Noten

  1. 1

    Zie brief nr. 737 (26.3.1945).↩

  2. 2

    Zie brief nr. 725 (31.5.1944) en nr. 729 (10.6.1944).↩

  3. 3

    G.A. Pasma (1909-1945), zie brief nr. 708 (13.5.1943), n. 2.↩

  4. 4

    A.J. de Bie (1912-1945), herv. pred. te Vrouwenpolder, werd beroepen in Laren en kwam kennismaken op 19 april 1944, zie brief nr. 722 (25.4.1944), n. 3.↩

  5. 5

    Mw. R.A. van Ganswijk-Noordmans; haar man was afkomstig uit Putten.↩

  6. 6

    Bij de fam. ds. R. Dijkstra-van Ganswijk te Amsterdam.↩

  7. 7

    Johan Noordmans.↩

Verantwoording

Deze pagina is automatisch opgebouwd uit het zetbestand van het boek; de noten zijn aan hun verwijzing gekoppeld. Dat bestand heeft geen paginanummers: een brief wordt aangehaald met zijn nummer. Zet onder Weergave de correcties aan om de herstelde en de onzekere plaatsen (⚑) in de tekst te zien. De tekst is niet met het gedrukte boek vergeleken.

← 739. O. Noordmans aan P. ScholtenLunteren741. P. Scholten aan O. Noordmans →