880. K.H. Miskotte aan O. Noordmans
Leiden, 8 juli 1950
Zeer vereerde Noordmans,
Hartelijk dank voor uw schrijven. Ik begrijp het volkomen. Mag ik zo met u afspreken, dat ik - omdat het niet langer wachten kan, iets begin te zeggen over wat deze zevenklapper1 op dit ogenblik vlak voor de kerkorde in tweede lezing2 betekent, - meer een oriëntering - en een stemmingsstuk - en dat u na een maand de draad weer opneemt en op de dogmatische punten ingaat: het ‘òffer’ in de mis (H. Miskotte),3 ‘Het ambt in de successie’ (Loos)4 enz. - Neem u-zelf vooral in acht! wat moet de slapeloosheid, als men denken en werken wil, een impedimentum5 zijn! Hartelijke groet, uw dw.,
K.H. Miskotte.
(AN)