Deel 1
Het begin. Om de ware humaniteit
- 1Intreepreek Idsegahuizen190317
In 1902 sloot N. zijn theologische studie in Utrecht af met het kandidaats- en kerkelijk examen. In hetzelfde jaar werd hij na aflegging van het proponentsexamen door het provinciaal kerkbestuur van Utrecht toegelaten tot de Evangeliebediening in de Nederlandse Hervormde Kerk, zodat N. zich beroepbaar kon stellen. Door de bemiddeling van ds. W. M. van der Schans werd hij beroepen te Idsegahuizen en Piaam, waar N. op 1 februari 1903 door zijn zwager ds. H. C. Lambers, predikant te Lunteren, bevestigd werd. Bij deze gelegenheid hield N. zijn intreepreek over Matth. 13 : 3-9. Uit de aantekeningen van N. in het manuscript kan de liturgie als volgt worden gereconstrueerd:
- 2De bakermat van de christelijke kerk190228
Misschien dateert de lezing van N. over De bakermat van de christelijke kerk nog uit zijn studententijd te Utrecht (1898-1902). Ze zal evenwel niet vroeger zijn dan 1902 gezien de wijze waarop N. spreekt over de Boerenoorlog; deze oorlog eindigde op 31 mei 1902. Nadere gegevens over deze in manuscript bewaard gebleven lezing ontbreken.
- 3Dogmatische zekerheid190652
Dogmatische zekerheid is de titel van het referaat, dat N. op 12 april 1906 hield te Leeuwarden voor de Friesche Predikantenvereeniging. Een verslag van zijn referaat verscheen in De Banier. Orgaan van de bond van kiesverenigingen op christelijk-historische grondslag 33 (1906) nr. 14.
- 4Beslistheid190678
N. hield zijn referaat Beslistheid eind 1906. Verdere gegevens ontbreken. De lezing is als manuscript bewaard gebleven.
- 5Willem de Clercqca. 190888
De lezing Willem de Clercq dateert waarschijnlijk van voor 1910. Nadere gegevens ontbreken. Zij is in manuscript bewaard gebleven.
- 6Catechismusprediking1909102
N. was in augustus 1909 alleen in Heidelberg; in 1910 was hij er met zijn vrouw Johanna Hillegonda Oosterhuis (1886) op huwelijksreis. Naar alle waarschijnlijkheid geeft N. in deze lezing over Catechismusprediking de indrukken weer van zijn eerste reis naar Heidelberg. Dat wordt bevestigd door het feit dat 1 augustus 1909 op een zondag viel. Op grond daarvan lijkt een datering eind 1909 of begin 1910 aannemelijk. Verdere gegevens over deze in manuscript bewaard gebleven lezing ontbreken.
- 7Communisme bij de Toradja's1909117
De lezing Communisme bij de Toradja's werd waarschijnlijk door N. gehouden in 1909 of 1910 voor een gemeentesamenkomst te Suawoude, waar zijn (aanstaande) schoonvader ds. Oosterhuis predikant was.
- 8Het getuigenis van De Hartog1910126
N. hield zijn lezing over Het getuigenis van De Hartog waarschijnlijk in 1910 voor de Friesche Predikantenvereeniging te Beetsterzwaag.
- 9Het getuigenis van dr. De Hartog. Waardering en kritiek1910151
Het getuigenis van dr. De Hartog. Waardering en kritiek, werd door N. als artikel gepubliceerd in Stemmen voor Waarheid en Vrede 47 (1910), p. 144-172.
- 10Pragmatische houding (en de daaropvolgende polemiek)1918167
N. publiceerde Pragmatische houding in vier afleveringen in de Nederlandsche Kerkbode 3 (1918) resp. in de nrs. 19, 20, 21, 22. De Nederlandsche Kerkbode verscheen in de eerste en tweede jaargang onder de naam Nieuwe Nederlandsche Kerkbode (1915/1917). De uitgave van het blad werd gestaakt met nr. 42 van de derde jaargang (19 juli 1918). De redactie bestond uit P. Blaauw, A.M. Brouwer, J. van Dorp, H.E.G. van de Meene, A.J. Roozemeyer, J.R. Slotemaker de Bruine, S. Stemerding, H. Stoel. (Vgl. p. 417, noot 2). Het was een orgaan van de ethische richting.
- 11Historisch spiritualisme. Een herinnering aan de vrijzinnigen1919188
Historisch spiritualisme. Een herinnering aan de vrijzinnigen, werd door N. gepubliceerd als artikel in Stemmen voor Waarheid en Vrede 56 (1919), p. 161-189.
- 12Gemeenschap en persoonlijkheid1919205
N. publiceerde Gemeenschap en persoonlijkheid in twee gedeelten in Stemmen voor Waarheid en Vrede, dl. 1 in 56 (1919) nr. 7, p. 481-501; dl. 2 in 56 (1919) nr, 8, p. 571-592. Dit artikel gaf in gewijzigde vorm de inhoud weer van het referaat, dat N. hield op 30 april 1919 in de vergadering van de Nederlandse Hervormde Predikantenvereniging.
- 13Het leven in de zonde. Een kritische bespreking van de zondeleer van P. D. Chantepie de la Saussaye1913231
N. maakte deel uit van een kring van theologen rond Is. van Dijk te Groningen. In deze kring hield hij waarschijnlijk in 1913 een lezing over Het leven in de zonde, het tweede hoofdstuk (dl. 1, p. 107-174) van Het christelijk leven door P. D. Chantepie de la Saussave. 2 dln., Haarlem 1910. De lezing is in manuscript bewaard gebleven. Ze dateert in ieder geval van na 2 april 1913 (vgl. noot g). Tot die kring rond Van Dijk behoorde ook F. J. Fokkema (1878-1958), hervormd predikant te Westerembden van 1908-1914. In 1921 volgde hij A. M. Brouwer op als rector van de Nederlandse Zendingsschool te Oegstgeest. Verdere deelnemers aan het privatissimum bij Van Dijk waren A. M. Brouwer, W. Leendertz en H. Stoel.
- 14Het pragmatisme van William James1914240
Vermoedelijk hield N. deze lezing in de kring rond Is. van Dijk niet lang na de Duitse inval in België in augustus 1914. Vgl. p. 238, noot 1. De lezing is in manuscript bewaard gebleven.
- 15René Descartes en zijn invloed op onze cultuur1917255
De lezing René Descartes en zijn invloed op onze cultuur van N. is als manuscript bewaard gebleven; ze bestaat uit drie gedeelten:
- 16De verzoening. Een Calvijnstudieca. 1917285
Over de in manuscript bewaard gebleven lezing De verzoening. Een Calvijnstudie, zijn geen nadere gegevens bekend.
- 17Verzoening. Een kringlezingca. 1917301
Over de in manuscript bewaard gebleven lezing Verzoening. Een kringlezing, zijn geen nadere gegevens bekend.
- 18Communisme1921308
Het is onbekend wanneer en voor wie N. de lezing over Communisme hield; in ieder geval dateert ze van na oktober 1917. De lezing is in manuscript bewaard gebleven.
- 19Lân en libben1918324
Lán en libben (Land en leven) was een toespraak die N. hield.op een zgn. 'Friezendei', die op 31 juli 1918 gehouden werd te Sneek. Friezendagen waren massale samenkomsten, waar Christenfriezen het recht van hun taal en volkskarakter bepleitten. Behalve N. spraken ook G.A. Wumkes, Y. van der Zee en S. Huismans, de toenmalige leiders van de Christelijk-Friese beweging.
- 20De filosofie der geschiedenis van Heinrich Rickert1920336
N. noemt zijn lezing over De filosofie der geschiedenis van Heinrich Rickert in zijn Verschuivingen in de theologie van de laatste honderd jaar(1938), p. 52 (opgenomen in H. Stoel, S. Cuperus, O. Noordmans, Het Friesch Godgeleerd Gezelschap bij zijn eeuwfeest. Honderd jaren theologisch leven, Assen 1939). Daaruit blijkt, dat hij haar hield voor het Friesch Godgeleerd Gezelschap. De lezing vond plaats begin november 1920 (zie noot 13). Ze is in manuscript bewaard gebleven.
- 21Mystiek in de moraal1920357
N. publiceerde Mystiek in de moraal in Eltheto 75 (1921) nr. 8, p. 241-250. Het artikel was de weergave van een toespraak die hij op 5 nov. 1920 had gehouden voor de afdeling Utrecht van de NCSV. op Hardenbroek.
- 22Enkele boekbesprekingen1916–1918368
Dogmatiek en cultuur. Rede ter aanvaarding van het Hoogleeraarsambt vanwege de Nederlandsche Hervormde Kerk aan de Rijks-Universiteit te Utrecht den 27sten September 1916 uitgesproken door Dr. J. R. Slotemaker de Bruine, Utrecht 1916. Deze rede werd door N. besproken in de Nieuwe Nederlandsche Kerkbode 1 (1916) nr. 52, p. 2.
- 23Iets over volkskerk1913378
N. hield zijn lezing Iets over volkskerk op 10 februari 1913 te Leeuwarden voor de Friesche Predikantenvereeniging. Een verslag van deze lezing verscheen in het Hervormd Zondagsblad voor de Provincie Friesland. Orgaan van de Friesche Predikantenvereeniging 6 (1913) nr. 7. De lezing is in manuscript bewaard gebleven. Op de vorige vergadering van de vereniging had H. van Eyck van Heslinga een lezing gehouden over De historische rechten der Nederlandsche Hervormde Kerk op uitkeeringen van Rijkswege. Deze vergadering was gehouden op 11 november 1912 te Leeuwarden. Van Eyck van Heslinga (1860-1931), vanaf 1897 hervormd predikant te Berlikum, was de oprichter van en arenlang voorzitter van de Friesche Predikantenvereeniging.
- 24De reorganisatiebeweging in de Hervormde Kerk1913389
De reorganisatiebeweging in de Hervormde Kerk was een referaat dat N. op 6 november 1913 hield op de classicale en diaconale conferentie te Leeuwarden. Een samenvatting van zijn rede en van de daaropvolgende discussie verscheen in de Leeuwarder Courant van 6 november 1913. De lezing is in manuscript bewaard gebleven.
- Artikelen uit het Hervormd Zondagsblad
- AKerk en coalitie1911404
Kerken coalitie was het eerste artikel, dat N. publiceerde in het Hervormd Zondagsblad voor de Provincie Friesland. Orgaan van de Friesche Predikantenvereeniging. Het blad werd in 1907 opgericht door J. W. Groot Enzerink, die er ook eindredacteur van werd. Van de redactie maakte o.a. N. enige tijd deel uit. Onder A tot en met R worden hier alle artikelen(series) herdrukt die N. in het HZ heeft gepubliceerd, voor zover deze álthans waren te achterhalen. Weggelaten zijn de jaarverslagen die N. in het blad publiceerde als secretaris van 'Kinderzorg'. Zie daarvoor E noot 2.
- BProtestantse katholiciteit1912413
Protestantse katholiciteit werd door N. in twee afleveringen gepubliceerd: 1 in HZ 5 (1912) nr. 7; 2 in nr. 8.
- CDe brochure-Hulsman1912418
De brochure-Hulsman werd door N. gepubliceerd in twee afleveringen, 1 in HZ. 5(1912) nr. 11; 2 in nr. 12.
- DDe jongste hoogleraarsbenoeming1912423
De jongste hoogleraarsbenoeming verscheen in HZ. 5 (1912) nr. 23.
- E'Zedelijke opvoeding'1912426
'Zedelijke opvoeding' verscheen in HZ. 5 (1912) nr. 37.
- FPaepse stoutigheden1912429
Paepse stoutigheden verscheen in HZ. 5 (1912) nr. 42. Onder de titel Een antwoord verscheen in nr. 44 nog een kort naschrift.
- GEen pessimistische verwachting1913433
Een pessimistische verwachting verscheen in HZ. 6 (1913) nr. 8.
- HModerne theologen1913436
Moderne theologen verscheen in HZ. 6 (1913) nr. 15.
- IHet manifest voor de Nederlandse Hervormde Kerk1913440
.Het manifest voor de Nederlandse Hervormde Kerk verscheen in HZ. 6 (1913) nr. 21.
- JDe grootst gemene deler (en de daaropvolgende polemiek)1913444
De grootst gemene deler verscheen in HZ.6 (1913) nr.23. Naar aanleiding van dit artikel van N. volgde een zich gedurende vele nummers voortslepende discussie. Deze discussie wordt hieronder bekort weergegeven.
- KEen grote vergadering (en de daaropvolgende polemiek)1914475
N. publiceerde in HZ. 7 (1914) nr. 9 een artikel onder de titel Een grote vergadering. Elr ontstond naar aanleiding van dit artikel een scherpe discussie tussen J. W. Groot Enzerink en N., die wij verkort weergeven.
- LEen nabetrachting1914490
Een nabetrachting werd door N. gepubliceerd in HZ. 7 (1914) nr. 19.
- MEen geheimzinnige macht1914493
Een geheimzinnige macht werd door N. gepubliceerd in HZ. 7 (1914) nr. 23.
- NTweeërlei actie1914497
Tweeërlei actie verscheen in HZ. 7 (1914) nr. 25.
- OTwee kruisridders1914500
Twee kruisridders verscheen in HZ 7 (1914) nr. 49.
- PSolidariteit in de kerk1915503
Solidariteit in de kerk verscheen in 3 afleveringen resp. in HZ. 8 (1915) nr. 14, nr. 15 en nr. 17.
- QRondom 'geest en hoofdzaak'1915511
Rondom 'geest en hoofdzaak' verscheen in HZ 8 (1915) nr. 21. Het in M noot 4 beschreven voorstel van ds. H. A. J. Lütge c.s. ten aanzien van de proponentsformule bevatte behalve dat ook het verzoek tot wijziging van art. 39 van het Reglement op het godsdienstonderwijs. Dit artikel bevat de belijdenisvragen. Lütge c.s. wilden niet alleen wijzigingen in deze vragen, maar ook wilden zij dat uit al. 1 van art. 39 de woorden "althans wat betreft de geest en de hoofdzaak van de daarin vervatte belijdenis, verklaring en belofte" zouden vervallen. De toen vigerende tekst van al. 1 van art. 39 luidde als volgt: "De bevestiging van lidmaten heeft plaats in een daarvoor bepaalde godsdienstoefening, bij welke hun de volgende vragen, althans wat betreft de geest en de hoofdzaak van de daarin vervatte belijdenis, verklaring en belofte, ter beantwoording worden voorgesteld:" (waarop in de volgende 3 alinea's de vragen volgen). Handelingen 1914, p. 640 vv.
- RDe schrapping1915515
De schrapping verscheen in HZ. 8 (1915) nr. 23. Is er een kerkhistorische crisis? in nr. 24, Kerkelijke theorie en praktijk in nr. 26.