Stichting dr. O. Noordmans
Verzamelde Werken Inhoud Jaren Bijbelregister Zoeken

Verzamelde Werken, deel 9A, Laren Gld.

Weergave
Passages naar Readwise sturen

476. A.M. Brouwer aan O. Noordmans

Utrecht, 19 november 1934

Amice frater,

Allereerst dank voor je brief.1 De passage op blz. 272 werd geschreven onder indruk van Tromp’s De levende God,3 dat mij - evenals een preek die ik hoorde van Stam4 - prikkelde. Ja, misschien had het beter weggelaten kunnen worden. Maar er is voor de levendigheid van een betoog toch ook nodig, dat men van tijd tot tijd zegt: niet dit, maar dat. En het hindert mij, dat onze jongere theologen uit het buitenland menen te moeten halen wat zij in onze eigen theologie - Saussaye Sr., Gunning, Bavinck, misschien ook Hoedemaker, maar die begrijp ik weinig, kan ik niet volgen in zijn sprongen - toch zeker even goed hebben. En wij moeten erg op passen niet wat nieuwere filosofemen te stellen in de plaats van het eenvoudige, klare, scherpe evangelie. Ik zou voor ‘ascese’ liever ‘soberheid’ zeggen. Misschien mag ik later nog eens terugkomen op je lekendogmatiek.5 Nu iets over de vraag naar Paulusliteratuur. Ik hoop, dat de uitgever nu eindelijk eens Paulus de Apostel II6 verstuurt; dit deel is al een paar weken klaar. Daarin vind je in de noten wel verschillende boeken aangegeven. Toch wil ik op je vragen ook meer concreet antwoorden: A. Schweitzer Geschichte der Paulinischen Forschung von der Reformation bis auf die Gegenwart (Mohr Tübingen 1911). A. Schweitzer Die Mystik des Apostel Paulus (Mohr, Tübingen 1930). Over zijn Jezus-opvatting, zie slot Leben-Jesu-Forschung.7 P. Feine Einleitung in das Neue Testament (5e verb. Aufl. 1930, Quelle u. Meyer Leipzig) geeft de nieuwere literatuur tot 1930, Jülicher/Fascher Einleitung in das N.T. (Mohr Tübingen 1931) tot 1931. Volledige literatuuropgaven tot op heden (behalve enkele Nederlandse boeken die Van Veldhuizen8 niet nodig vindt te noemen) geeft Bibliographisches Beiblatt der Theologischen Literaturzeitung (Hinrichs, Leipzig 1934 is 13e jaargang). Over Paulus-Jezus: P. Feine Paulus S.398-437, Paulus und Jesus (Bertelsmann, Gütersloh), noemt daar veel literatuur. Er is nu pas een boek van H. Windisch verschenen: Paulus und Christus (Hinrichs, Leipzig 1934), waarin Windisch ze als een twee-eenheid van leermeester en leerling behandelt. ’t Lijkt mij nogal fantastisch. Maar er is hier ook in de noten literatuuropgave. Heb je hier genoeg aan? Schrijf anders nog even. Hartelijke groeten, tt

A.M. Brouwer.

(AN)

Noten

  1. 1

    Deze brief is niet bewaard.↩

  2. 2

    ON heeft blijkbaar critiek geuit op een passage uit Brouwers Christus Komst. Advents-overdenkingen (Utrecht 1934); Brouwer spreekt in het tweede hoofdstuk ‘De onbekende God’ ook over ‘De verborgen God’ (p. 27): ‘God is de verborgen God, ook dan wanneer Hij zich openbaart. Ja, Jezus verbergt God voor ons meer nog dan dat hij Hem ons onthult. De mannen van de kritische bezinning, de ingewijden, zien dat in. Dat niet in te zien is de zelfmisleiding der onnadenkendheid, de waan van een verouderd standpunt. En wat is in dezen tijd van gisting erger aanklacht dan verouderd te heeten? Wie met zijn tijd mee wil, en wie zou als denkend wezen achteraan willen komen, die moet in paradoxen spreken van den Verborgene en den Gansch Andere, en voor de duidelijke uitspraak moet hij stellen eenige vreemde Duitsche woorden.’↩

  3. 3

    D.Tromp, ‘De levende God’ in De Openbaring der Verborgenheid (Baarn 1934), 9-24.↩

  4. 4

    J.J. Stam (1891-1975), herv. pred. te Welsum 1916, predikant-evangelist te Amsterdam 1921, Rotterdam 1925-1956 em., promoveerde over George Tyrrell (1861-1909) (UU 1938). ON gaf een recensie in NTS 22(1939), 320.↩

  5. 5

    D.i. Herschepping, waarin ON de term ‘ascese’ hanteert.↩

  6. 6

    A.M. Brouwer Paulus de Apostel II. De mensch en zijn tijd (Zutphen 1934).↩

  7. 7

    A. Schweitzer Von Reimarus zu Wrede. Eine Geschichte der Leben-Jesu-Forschung (Tübingen 1906); 2e editie: Geschichte der Leben-Jesu-Forschung (Tübingen 1913).↩

  8. 8

    A. van Veldhuizen (1871-1937), herv. pred., rector aan de zendingsschool te Rotterdam (1907) - hij werd daar in 1910 opgevolgd door A.M. Brouwer -, sinds 1910 kerkelijk hoogleraar RUG (bijbelse theologie en ethiek, praktische theologie, geschiedenis van de zending). Hij promoveerde in 1901 te Utrecht over De brief van Barnabas.↩

Verantwoording

Deze pagina is automatisch opgebouwd uit het zetbestand van het boek; de noten zijn aan hun verwijzing gekoppeld. Dat bestand heeft geen paginanummers: een brief wordt aangehaald met zijn nummer. Zet onder Weergave de correcties aan om de herstelde en de onzekere plaatsen (⚑) in de tekst te zien. De tekst is niet met het gedrukte boek vergeleken.

← 475. O. Noordmans aan K.H. MiskotteLaren Gld.477. K.H. Miskotte aan O. Noordmans →