Stichting dr. O. Noordmans
Verzamelde Werken Inhoud Jaren Bijbelregister Zoeken

Verzamelde Werken, deel 9A, Idsegahuizum en Piaam

Weergave
Passages naar Readwise sturen

216. A.M. Brouwer aan O. Noordmans

Meppel, 20 juli 1908

Amice frater,

’k Weet niet welke pantheïst of verkapte spinozist of - bij anticipatie - karma-belijder heeft uitgedacht, dat de zonde zichzelf straft. In elk geval is ’t een fijne gedachte om aan ’t rechtvaardig oordeel te ontkomen. Deze filosofische overwegingen wekte je overigens zo eenvoudig schrijven onmiddellijk bij me op. Hoe kan ’t anders, waar juist de eenvoud ’t kenmerk van ’t ware is en deze vast opborrelde uit een diep-filosofisch wezen. ’t Verband blijft je wellicht duister als ik mij niet haast je meam culpam te belijden: want ik had de dag van 18 juli1 “niet ongemerkt mogen laten voorbijgaan”, gelijk trouwens ook reeds lang tevoren tot een gepaste viering van deze dag mijnerzijds besloten was. Helaas, dat ’t vlees zo zwak is. ’k Had een boek onderhanden dat uit moest en - tot straf waarschijnlijk - toch niet uitkwam en mijn gelukwens bleef achterwege. Laat ik alsnog dit verzuim “achterhalen” en je een gezegend jaar toewensen. Hadde ik arme! dat nu maar op tijd gedaan, dan had ik je brief kunnen voorkomen en een klein correspondentie bovendien. Want in de week van 25 juli tot 1 augustus hebben wij ’t genoegen vijf logees te onzent te bergen, waarvan reeds twee hun nachtelijk heil op een veldbed moeten zoeken. Zo zou de zesde de (min of meer omvangrijke) druppel worden die de emmer onzer pastorale gastvrijheid deed overlopen. Of zonder gewijde beeldspraak: in deze week is ’t huis vol, alle bedden in gebruik, haast dekens, wasstellen en ander “gerief” tekort. Zo had ik dan ook reeds van de vrouw opdracht je te verzoeken na 2 augustus de pinnen van je tent in Meppeler bodem te steken.2 ’k Hoop dat je bezig bent af te zakken, van Friesland over Meppel naar Zwolle en verder la-bas. Maar de afstand van Zwol naar hier is niet zo groot (half uur sporen), dat je niet, wat dit betreft, nog eens even naar ’t noorden zou kunnen opklimmen. Alzo vragen wij: kom na 2 augustus ons huis met je tegenwoordigheid vereren. Niets zal ons aangenamer zijn. Nu houd ik op met de pen maar niet met het hart. Met vriendelijke groeten ook van Bon, tt.

Nus Brouwer.

(AN)

Noten

  1. 1

    Betreft de 37e verjaardag van ON.↩

  2. 2

    A.M. Brouwer was van 1906-1910 predikant te Meppel.↩

Verantwoording

Deze pagina is automatisch opgebouwd uit het zetbestand van het boek; de noten zijn aan hun verwijzing gekoppeld. Dat bestand heeft geen paginanummers: een brief wordt aangehaald met zijn nummer. Zet onder Weergave de correcties aan om de herstelde en de onzekere plaatsen (⚑) in de tekst te zien. De tekst is niet met het gedrukte boek vergeleken.

← 215. Oepke aan zijn moederIdsegahuizum en Piaam217. Moeder aan Oepke →