126. Oepke aan zijn ouders
Utrecht, 27 juli 1897
Geliefde ouders!
Deze keer heb ik wel wat lang gewacht met schrijven. De oorzaak was dat ds. Flieringa uw verwachtingen wel wat hoog gespannen heeft.1 Begrijpelijkerwijze moest ik u dus enigszins teleurstellen. Dit is geen plezierig werk. Wat mijn vermogens om mij in te spannen aangaat, ik moet zeggen dat die nog weinig zijn vooruitgegaan. Zaterdag over een week of zaterdag over veertien dagen kom ik D.V. thuis, een veertien dagen of drie weken. Ik hoop niet dat dit bericht ontmoedigend op u zal werken. Over de afloop der behandeling is nog niets te zeggen. Het is alles nog voorbereidend. Van Velthuizen beweert dat, als eens de beterschap intreedt, het dan wel hard kan gaan. Wij zullen afwachten. Groet allen van mij. Uw liefhebbende zoon,
Oepke.
(AN)